Posts tonen met het label Ibertex. Teletekst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Ibertex. Teletekst. Alle posts tonen

zaterdag 18 april 2015

Het korte leven van i-mode (1)

Vandaag is het 13 jaar geleden dat KPN de mobiele contentdienst i-mode lanceerde met een paginagrote advertentie in landelijke en regionale dagbladen. Het telecombedrijf had van het Japanse telecombedrijf NTT Docomo een licentie gekregen voor de exploitatie van de dienst tot 2012 in Duitsland via e-Plus en in België via Base.

Bekijk alle diensten vermeld in de advertentie, door te clicken op de illustratie.

I-mode was een tekstdienst, vergelijkbaar met Teletekst, alleen anders in presentatie en formaat. Het verscheen in een tijdperk vlak voor mobiel internet. En het is dan ook niet verwonderlijk dat het de dienst slechts 5 jaar operationeel bleef in Nederland, Duitsland en België. Na 2007 was de i-Mode hype (als die er überhaupt al was) voorbij. KPN heeft er niet veel aan verdient, aangezien er driftig met cijfers gegoocheld werd.

Voor de i-modedienst was een speciaal toestel nodig. Informatieleveranciers mochten dan wel internetpagina’s hebben, maar zij moesten voor i-mode pagina’s herschrijven. Van scalability was geen sprake. Bovendien moesten de pagina’s de KPN keuringsdienst passeren. Deze dienst keek naar het formaat, lengte van regels en het aantal tekens. Officieel keek de dienst niet naar de inhoud. Voordeel van de keuringsdienst was wel dat de content kwalitatief goed was.  

  
I-mode had iets van teletekst. Voor die dienst was een decoder op televisie nodig. Het was een tekstdienst, die 24 regels en maximaal 960 tekens per pagina bevatte. Ook i-Mode tekst kon alleen op een speciale telefoon worden ontvangen en de hoeveelheid informatie was gelimiteerd. I-mode gebruikers kregen toegang tot diensten als e-mail, sportuitslagen, weersverwachtingen, spelletjes, beurskoersen en besteldiensten. Op zich was dat niet zo verwonderlijk, aangezien deze diensten ook al op internet beschikbaar waren en bijvoorbeeld met mobiele telefoons als Nokia Communicators bereikbaar waren.

I-mode heeft slechts een levenscyclus van vijf jaar gehad, terwijl de licentie voor tien jaar was uitgegeven.  I-Mode is in feite ingehaald door mobiel internet. Of i-mode had weinig levenskans aangezien mobiel internet reeds bestond, maar een kostbare telefoon nodig had en moeilijk te configureren was. Toen deze problemen rond 2005 waren opgelost, nam het enthousiasme voor i-mode snel af. Voor internet was ook een aparte telefoon nodig, een zgn. smart phone, maar dan kon men internet krijgen zoals het was en niet de beperkte tekstdienst van i-Mode.

En zoals met meer falende diensten gebeurde, werd ook bij i-mode gebruikt gemaakt van de nieuwe-mediatrukendoos. KPN loog over de aantallen in gebruik zijnde toestellen. De informatieleveranciers merkte de discrepanties tussen de opgave van toestellen en de gebruiksgetallen van de sites en trokken hun conclusies.

Voor meer over de nieuwe-mediatrukendoos zie aflevering 2.

dinsdag 17 juli 2012

Het kroonjaar 1977


Het boek gaat over de periode 1967 tot 1997. In die jaren zijn er verschillende mijlpalen gepasseerd. In de rubriek kroonjaar wordt een lustrum/jubileumjaar (1967, 1972, 1977, 1982, 1987, 1992, 1997) gekozen en de gebeurtenissen uit dat jaar vermeld. Aanvankelijk zullen er slechts een paar gebeurtenissen vermeld worden, maar naarmate de industrie zich ontwikkeld worden dit er meer. In het boek is een tijdlijn van 50 hoogtepunten opgenomen. De Excel databank van de auteur bevat echter zo’n 500 gebeurtenissen van de geschiedenis van de digitale informatie-ontsluiting.
In het kroonjaar 1977 gebeurde er veel op het gebied van de informatie-ontsluiting. De term Personal Computer wordt geïntroduceerd door de Amerikaanse computerfabrikant Tandy, die een microcomputer introduceert. En Tandy was niet de enige. Commodore introduceert de PET met 4 of 8 kilobytes intern geheugen. En Atari brengt als eerste bedrijf een spelcomputer op de markt. Maar ook in Nederland was de microcomputer doorgedrongen. Onder de naam Computer Store wordt een computerwinkel geopend in Eindhoven. N op 27 april 1977 wordt de Hobby Computer Club (HCC) opgericht als vereniging ter ondersteuning van de leden bij het ontwerpen (!) en programmeren van computers.

De PTT begint door te krijgen dat er online gebruikers zijn die in de VS en elders in Europa toegang wilden verkrijgen tot databanken via mondiale netwerken zoals Tymnet en Telenet, waarmee online gebruikers toegang kon krijgen tot de grote mondiale netwerken zoals Tymnet en Telenet. Op 1 augustus 1977 opent de PTT als voorlopige oplossing de netwerkdienst DABAS (Database Access Service).
De online diensten begonnen ook te groeien. BRS (Bibliographic Retrieval Services), een medische online dienst van de staat New York, wordt geprivatiseerd en een concurrent van Dialog en SDC. Dow Jones opent de dienst Dow Jones News/Retrieval met Wall Street artikelen en openbare bedrijfsinformatie. In Europa wordt het Duitse FachInformationsZentrum (FIZ) geopend en de onlinedienst INKA gelanceerd. In Groot Brittannië wordt Roger Bilboul aangezocht om met zijn bedrijf Learned Information de Amerikaanse online informatiedienst Dialog in Europa te vertegenwoordigen.
Maar ook in Nederland begint de Nederlandstalige online informatiedienst op gang te komen met de eerste demonstraties van het juridische online systeem van Kluwer Rechtswetenschappen, die worden verzorgd door Cor Verschoor en Jaap van Beelen op een terminal zonder beeldscherm, bestaande uit een toetsenbord, een thermische printer en een akoestisch modem.

De online informatie-industrie begint in 1977 ook een echt gezicht te krijgen. In de VS lanceert uitgeverij Online Inc. de bladen Online en Database en organiseert de eerste Online Conferentie in New York. Dit voorbeeld wordt direct gevolgd door het Britse bedrijf Learned Information, dat begint met de uitgave van het tijdschrift Online Review en in december 1977 voor de eerste keer in Londen de Online Conferentie houdt.
En ook in Nederland dringt door dat er een online informatie-industrie aan het ontstaan is. De meestal wetenschappelijke, technische of financiële gebruikers van online systemen beleggen een oprichtingsvergadering van het VOGIN, de Nederlandse Vereniging van Gebruikers van Online Informatiesystemen op 27 april 1977. Zij zijn de cybernauten avant la lettre.
Maar er is niet alleen actie op het wetenschappelijke, technische en financiële front. Teletekst en videotex melden zich als technische systemen. Finland kondigt het videotexsysteem Telset aan en Telefonica, de Spaanse telefoonmaatschappij, zet Ibertex op; toegang is mogelijk met een speciale terminal of een kaart in de PC.
De publieke omroep heeft in 1976 kennis gemaakt met Ceefax bij de BBC. En intussen is er een strijd ontstaan tussen de gedrukte pers en de publieke omroepen. In september 1977 beslist minister Van Doorn, dat de omroep en niet de pers mocht experimenteren met teletekst, aangezien de dienst gebaseerd was op beeldlijnen. De minister ging geheel voorbij aan het argument, dat teletekst geen televisieprogramma was, want het bevatte geen geluid en geen bewegend beeld.