"Historisch besef van digitale media is zo diep als de meest recente verwijzing op Google"



dinsdag 17 juli 2012

Het kroonjaar 1977


Het boek gaat over de periode 1967 tot 1997. In die jaren zijn er verschillende mijlpalen gepasseerd. In de rubriek kroonjaar wordt een lustrum/jubileumjaar (1967, 1972, 1977, 1982, 1987, 1992, 1997) gekozen en de gebeurtenissen uit dat jaar vermeld. Aanvankelijk zullen er slechts een paar gebeurtenissen vermeld worden, maar naarmate de industrie zich ontwikkeld worden dit er meer. In het boek is een tijdlijn van 50 hoogtepunten opgenomen. De Excel databank van de auteur bevat echter zo’n 500 gebeurtenissen van de geschiedenis van de digitale informatie-ontsluiting.
In het kroonjaar 1977 gebeurde er veel op het gebied van de informatie-ontsluiting. De term Personal Computer wordt geïntroduceerd door de Amerikaanse computerfabrikant Tandy, die een microcomputer introduceert. En Tandy was niet de enige. Commodore introduceert de PET met 4 of 8 kilobytes intern geheugen. En Atari brengt als eerste bedrijf een spelcomputer op de markt. Maar ook in Nederland was de microcomputer doorgedrongen. Onder de naam Computer Store wordt een computerwinkel geopend in Eindhoven. N op 27 april 1977 wordt de Hobby Computer Club (HCC) opgericht als vereniging ter ondersteuning van de leden bij het ontwerpen (!) en programmeren van computers.

De PTT begint door te krijgen dat er online gebruikers zijn die in de VS en elders in Europa toegang wilden verkrijgen tot databanken via mondiale netwerken zoals Tymnet en Telenet, waarmee online gebruikers toegang kon krijgen tot de grote mondiale netwerken zoals Tymnet en Telenet. Op 1 augustus 1977 opent de PTT als voorlopige oplossing de netwerkdienst DABAS (Database Access Service).
De online diensten begonnen ook te groeien. BRS (Bibliographic Retrieval Services), een medische online dienst van de staat New York, wordt geprivatiseerd en een concurrent van Dialog en SDC. Dow Jones opent de dienst Dow Jones News/Retrieval met Wall Street artikelen en openbare bedrijfsinformatie. In Europa wordt het Duitse FachInformationsZentrum (FIZ) geopend en de onlinedienst INKA gelanceerd. In Groot Brittannië wordt Roger Bilboul aangezocht om met zijn bedrijf Learned Information de Amerikaanse online informatiedienst Dialog in Europa te vertegenwoordigen.
Maar ook in Nederland begint de Nederlandstalige online informatiedienst op gang te komen met de eerste demonstraties van het juridische online systeem van Kluwer Rechtswetenschappen, die worden verzorgd door Cor Verschoor en Jaap van Beelen op een terminal zonder beeldscherm, bestaande uit een toetsenbord, een thermische printer en een akoestisch modem.

De online informatie-industrie begint in 1977 ook een echt gezicht te krijgen. In de VS lanceert uitgeverij Online Inc. de bladen Online en Database en organiseert de eerste Online Conferentie in New York. Dit voorbeeld wordt direct gevolgd door het Britse bedrijf Learned Information, dat begint met de uitgave van het tijdschrift Online Review en in december 1977 voor de eerste keer in Londen de Online Conferentie houdt.
En ook in Nederland dringt door dat er een online informatie-industrie aan het ontstaan is. De meestal wetenschappelijke, technische of financiële gebruikers van online systemen beleggen een oprichtingsvergadering van het VOGIN, de Nederlandse Vereniging van Gebruikers van Online Informatiesystemen op 27 april 1977. Zij zijn de cybernauten avant la lettre.
Maar er is niet alleen actie op het wetenschappelijke, technische en financiële front. Teletekst en videotex melden zich als technische systemen. Finland kondigt het videotexsysteem Telset aan en Telefonica, de Spaanse telefoonmaatschappij, zet Ibertex op; toegang is mogelijk met een speciale terminal of een kaart in de PC.
De publieke omroep heeft in 1976 kennis gemaakt met Ceefax bij de BBC. En intussen is er een strijd ontstaan tussen de gedrukte pers en de publieke omroepen. In september 1977 beslist minister Van Doorn, dat de omroep en niet de pers mocht experimenteren met teletekst, aangezien de dienst gebaseerd was op beeldlijnen. De minister ging geheel voorbij aan het argument, dat teletekst geen televisieprogramma was, want het bevatte geen geluid en geen bewegend beeld.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen